Mijn dochter mept met de wegenkaart van Nederland een insect dood. Ze opent het raam en het beestje
waait de natuur in. Met m'n TomTom had ze niet mogen slaan, dus zo'n wegenkaart is nog steeds nuttig,
bedenk ik. We praten over het insect en realiseren ons dat we er niets van weten. Een mug was het niet en
ook geen spin of bij. Maar wat lag er dan wel geplet op de zijruit? Het ex-beestje heeft er recht op dat we
ons tenminste pijnigen over z'n soortnaam, vinden we.

Ineens missen we internet in de auto. Al zouden we niet weten welke nuttige zoekvraag we moesten
intikken. We kunnen het insect moeilijk beschrijven. Het was misschien een halve centimeter groot, zwart, ik
zag pootjes en geen schild. Het beest vloog wel, maar ik herinner me geen vleugels. Dat lijkt me een
onmogelijke combinatie. Het spijt me dat we het insect niet wat langer binnenboord hebben gehouden.

Even lijkt het verscheiden van het dier ons alleen een rustige dochter op te leveren. Tot ze zegt dat het
misschien een eendagsvlieg was. Die gedachte brengt ons voor de determinatie niet verder, maar leidt wel
tot een diepgaand gesprek. Leeft een eendagsvlieg echt één dag? Als dat zo is, dan moet het dier in die ene
dag dus ook zijn of haar voortplanting regelen. Arrogant als we zijn, vergelijken we die opgave met de
mensenwereld. In één dag opgroeien, geslachtsrijp worden, de geschikte partner vinden, die in bed krijgen
en bevruchten. Daar hoeven we niet aan te beginnen.

Nooit zocht ik met meer passie naar insectenfeiten, zelden had ik zo veel haast om de Wikipedia te starten.
Het startscherm lijkt langer op zich te laten wachten dan gebruikelijk. En als de pagina over eendagsvliegen
zich dan toch opent, wacht eerst een teleurstelling. De afgebeelde eendagsvlieg lijkt in niets op het door mijn
dochter omgebrachte wezen. Toch valt de verdere informatie niet tegen. Eendagsvlieg blijkt een
onnauwkeurige benaming: slechts het volwassen bestaan duurt uren, het gehele leven langer.

Met de seks gokten we beter: de korte tijd die het volwassen dier heeft, gaat aan de paring op. God helpt ze
gefocust te blijven, want hij misvormt hun kaken. Er kan geen hap doorheen. De paring is teamwork. Om de
kans op bevruchting te vergroten, vormen de eendagsvliegen grote zwermen, lees ik. De vrouwtjes zoeken
een zwerm op, paren met een mannetje en zetten korte tijd later al hun eitjes af op het water. Verder leven
is zinloos en onmogelijk met zulke kaken.

Eendagsvliegen treffen het niet. Zo veel haastwerk, zo veel toevalstreffers. Kan het minder romantisch?
Ik ben nog blijer dat ik 'gewoon' een mens ben. Dat heeft dat lijkje in de berm toch maar mooi bereikt.
Meer columns
PronkScriptum

Ferdinand Pronk, Tekstschrijver en Dagvoorzitter
Column

EENDAGSVLIEG